Afdrukken
Hits: 16974
 

Ik heb wel eens geklaagd over het feit dat als ik ging varen, God meteen besloot de hemelsluizen open te zetten. Op de een of andere manier regende ik altijd nat. Dat veranderde na een paar jaar, toen ik met een zomeravondcompetitie opeens net voor de bui binnen was, wat de opmerking “je hebt God er uit gezeild” ontlokte.

Sinds die avond heb ik op de een of andere manier mooi weer als ik ga varen. “Iedereen krijgt wat hij verdient”  hoor ik wel eens, en ik was er erg gelukkig mee dat God schijnbaar vond dat ik mooi weer verdiende. Dát bleek dus iets te overmoedig, want met de Snertrace oktober 2010 was het van alles, maar geen mooi weer.  Regen en een stevige wind.

Op Diricawl was de voltallige vierkoppige vaste damesbemanning compleet, en we hadden een opstapster die flink kracht in de armen beloofd had. Dat konden we goed gebruiken, want er moeten toch eigenlijk echt grotere lieren op die boot komen om die kippenkracht van ons te compenseren.

De start was niet helemaal optimaal. Een boot bewees dat het clubkampioenschap dik verdiend was door onder ons door te stuiven, en aan loef hadden we last van een ervaren zeiler die een geleende boot aardig aan de praat kreeg.  Zijn eigen boot stond al droog nadat deze eerder op weg naar de Antwerpenrace even onvrijwillig droog had gestaan.

rose_spinnaker

Na twee overstags kort na elkaar had de Diricawl vrije wind en we waren in een fanatieke bui. Er lag een baan die voor ons heel gunstig was: lange rakken. We zijn nou eenmaal niet zo snel met overstag. Dat van die lieren. In een aantrekkend windje ging in het lange rak van de Dam naar de Haringvreter de spi erop, en daar ging het mis. De dot wind die uit het havengat kwam zagen we iets te laat aankomen, de te dunne lijn van de ophouder was nog niet vervangen voor een dikkere en schoot onder al die kracht door de stopper en de spi viel netjes vol. Met als gevolg dat die boot werkelijk helemaal plat ging. De lieren gingen door het water en een van ons heeft later verteld dat ze even naar de kant heeft gekeken om in te schatten hoe ver het zwemmen zou zijn.  Gelukkig stond er iemand op het voordek, en nadat ze zich even had afgevraagd hoe het toch kon dat ze opeens een zaling op ooghoogte had, had ze daarna de tegenwoordigheid van geest om de loefschoot los te gooien. Diricawl kwam weer netjes recht en via het water hebben we de spi weer binnen gehaald. Dat voelt overigens alsof je KOMO zakken vol water aan boord probeert te trekken en we moesten daarna heftig dweilen maar goed. We dreven nog. Doorzeilen: Als je van je paard valt moet je er ook meteen weer op klimmen, dus die spi ging er de tweede keer in het lange rak weer op.

En toen hadden we een hele rare ervaring. Heel raar. Er zat niemand meer voor ons! Waar was iedereen? Wij zijn zo ontzettend gewend om achter het veld aan te varen, dat we nu compleet de weg kwijt waren. We stoven op een boei af waarvan we dachten dat het de keerboei zou zijn, maar die bleek nog een boeitje verderop te liggen. Tja, normaal letten we niet zo op die nummers. Die boei waar de rest ook omheen gaat, dat zal hem wel zijn, is meestal de gedachte. Wel tien keer hebben we op de baan en de kaart gekeken. We hebben toch niet een boei overgeslagen ofzo? Varen we wel de goede baan? Ongeveer drie minuten voor de finish begon het in te dalen. Meiden, we winnen! We hebben de line honors!

actie-boot

Later bleken we vijfde te zijn geworden, maar dat mag de pret niet drukken. Zoals iemand tegen me zei: “als eerste over de lijn, daar gaat het om. De rest zijn excuusberekeningen.” Dit smaakte naar meer.  Het is sindsdien niet nog een keer gelukt, maar we blijven ons best doen!

Login om te antwoorden