Wat je naar mijn idee ziet is dat burgers die zich onvoldoende gehoord voelen na het proces van democratische verkiezingen en rechtspraak en vervolgens hun standpunt proberen af te dwingen via disruptieve acties. Daarnaast leeft bij alle partijen het besef dat stevige disruptie het enige is dat vrijwel zeker tot aandacht in de landelijke media leidt.
Waar demonstraties (een goed democratisch recht) overgaan in verstoringen van de openbare orde en het dwarszitten van andere burgers blijkt
in de praktijk een heel subjectieve grens te zijn en rechtstreeks gelieerd aan de eigen mening over het betreffende onderwerp.
Zo zijn stille wakes bij abortusklinieken voor sommigen ongewenst en zouden disruptieve boerenprotesten in de ogen van sommigen verboden moeten worden, maar zijn XR blokkades en het loslaten van dieren uit megastallen een heel goed idee. Of juist precies andersom, al naar gelang het eigen standpunt. Het maakt niet uit welk standpunt men heeft, men is zo overtuigd van het eigen gelijk dat het doel bijna alle middelen heiligt.
Gelukkig hebben we democratisch tot stand gekomen regels (wetgeving) om deze subjectiviteit in beleving te beteugelen en het stemhokje van betekenis te laten blijven.
Waar het mijns inziens mis gaat is dat de handhaving rond het demonstratierecht niet consequent wordt uitgevoerd, dus géén ‘gelijke monniken, gelijke kappen’. Dat ondermijnt het vertrouwen in de handhaver (overheid) en zal in de praktijk tot nog meer polarisatie en steeds meer tegenreacties van andersdenkende burgers leiden, zoals forumlid Holrobert terecht opmerkt. Nogmaals, het standpunt doet er niet toe. Dit principe werkt aan beide kanten.
Dat sommige groepen actievoerders hun hand overspelen en daarmee ‘de tegenpartij’ in de kaart spelen bij de volgende verkiezingen lijkt slechts bij weinigen door te dringen.