Ik ben nog niet officieel een 'drop in replacer' van loodzwavelzuur accu's voor LFP accu's, dus ik kan tot die tijd er volgens de forumregels nog over posten.
Omdat ik elektrisch vaar en mijn LFP accu's via zonnepanelen laadt en niet via de alternator van een verbrandingsmotor, is het laden van LFP accu's met een alternator voor mij nooit een thema geweest en daarmee ook nooit een probleem. Voor het heftruckje ook niet! Voor anderen wel. Ik wil in deze lange 'Peperpost' de problemen rond het laden van LFP accu's aankaarten en een mogelijke oplossing bieden.
8 LiFePO4 cellen laden via een alternator
De specificaties van LFP cellen zijn per fabrikant verschillend. In de hieronder aangegeven waarden kunnen fabrikant specifieke verschillen voorkomen.
Laadspanning:
Een LFP cel zit ‘vol’ als deze een onbelaste klemspanning heeft van 3,4V. De SOC is dan >90%. Om een SOC van 100% te garanderen wordt een laadspanning van 3,65V gebruikt. Dit is tevens de absoluut hoogste spanning die de cel kan verdragen zonder direct schade te ondervinden in de vorm van het teruglopen van de capaciteit. Wordt een LFP cel geladen met een spanning van 3,4V dan wordt een SOC van meer dan 80% bereikt, maar nog geen 100%. Bij cellen die volgens dit algoritme worden geladen is een levensduur van 6000 cycli bereikt.
Bij het laden van 8 LFP cellen is een veilige maximale laadspanning: 8 x 3,4V = 27,2V. De SOC is dan hoger dan 80%. Wilt u beslist de 100% SOC bereiken dan kan dat met een absoluut maximum van 8 x 3,65V = 29,0V als laadspanning. Gebruikt u dit algoritme, dan wordt aangegeven dat u 2000 van de 6000 cycli aan levensduur zult inleveren.
Bij een Sterling laadregelaar in de stand “Amerikaanse gel accu” (volgens de gebruiksaanwijzing van de Sterling alternator regelaar), zou de eindlaadspanning niet boven 28,2V mogen komen. Dit is 1V boven de ‘veilige’ laadspanning van 27,2V maar blijft in elk geval onder de absoluut maximale laadspanning van 29,0V. De SOC zal boven de 90% komen en via interpolatie zal de levensduur waarschijnlijk terug lopen naar 5000 cycli.
Laadstroom:
Een LFP cel mag doorgaans met 1c worden opgeladen, dit betekent dat een cel met een capaciteit van 100Ah met 100A mag worden geladen (Ook voor deze waarden is het zo dat deze per fabrikant verschillen). Voor een loodzwavelzuur cel zou dit ‘snelladen’ betekenen, voor een LFP cel is dit ‘normaal’. Afhankelijk van het fabricaat bedraagt de Inwendige weerstand 1mOhm per cel (range van 2mOhm tot 0,6mOhm voor cellen van 100Ah tot 330Ah) Voor een 24V accu komt dat neer op 8 x 1 = 8mOhm.
Hoogst haalbare laadstroom:
Laadstroom bij geheel lege LFP accu van 8 cellen (Ucel = 2,5V, Uaccu = 20V) en een laadspanning van 28,2V (loodzwavelzuur gel accu setting) bij een Ri = 8mOhm: 28,2V – 20V = 8,2V / 0,008Ohm = 1025A (bij een Ri van 0 van de alternator en de bedrading. Dit gaan zowel de bedrading als de alternator niet overleven). De regelaar van de alternator moet een stroombegrenzer hebben om dit te voorkomen. Een andere mogelijkheid van begrenzing is dat de regelaar een temperatuursensor heeft op de alternator die de bedrijfstemperatuur meet en op basis daarvan het afgegeven vermogen terug regelt.
Praktisch hoogst voorkomende laadstroom:
Laadstroom bij een tot 30% SOC ontladen LFP accu (Ucel = 3V, Uaccu = 24V) en een laadspanning van 28,2V (loodzwavelzuur gel accu setting op een Sterling regelaar) bij een Ri = 8mOhm: 28,2V – 24V = 4,2V / 0,008Ohm = 525A (bij een Ri van 0 van alternator en bedrading. Zonder een laadstroombegrenzer zal dit zeker in een verbrande alternator resulteren).
Ontwerp laadstroom:
Situatie bij een loodzwavelzuur gel accu: ontladen tot 40% SOC (Uaccu = 22V Ri accu 0,1Ohm) en een laadspanning van 28,2V (loodzwavelzuur gel accu setting van een Sterling regelaar) bij een Ri = 0,1Ohm: 28,2V – 22V = 6,2V / 0,1Ohm = 62A (bij een Ri van 0 van alternator en bedrading. Dit komt dicht bij de maximale stroom voor de alternator. Aangezien zowel alternator en bedrading ook nog een weerstand vormen voor de laadstroom, zal de maximale stroom van 50A niet waarschijnlijk worden overschreden en de alternator niet waarschijnlijk doorbranden).
Laadstroom beperking door een externe weerstand:
Laadstroom bij geheel lege LFP accu (Ucel = 2,5V, Uaccu = 20V) en een laadspanning van 28,2V (loodzwavelzuur gel accu setting van een Sterling regelaar) en een PTC weerstand (gecalibreerde staaldraad) van 0,1Ohm in serie en een Ri = 8mOhm: 28,2V – 20V = 8,2V / 0,108Ohm = 75,9A (over de een Ri van de dynamo en de bedrading zal zoveel spanning vallen dat deze stroom niet wordt gehaald en deze zal worden beperkt tot ongeveer 50A).
In deze serieweerstand zal 577W worden gedissipeerd! Door de positieve temperatuurscoëfficient van een staaldraad neemt de weerstand toe en zal de stroom en de dissipatie afnemen maar de alternator zal niet doorbranden vanwege de hoge laadstroom. Neemt de laadstroom af omdat de accu voller wordt, dan daalt de temperatuur van de weerstand, neemt de weerstandswaarde af en de stroom weer toe. Er ontstaat nu een balans tussen de waarde van de laadstroom en de temperatuur van de weerstand, waarbij bij een lage accuspanning (omdat deze leeg is) wordt gecompenseerd door een hoge spanningsval over de weerstand. De laadstroom zal in een gebied constant worden gehouden totdat de accu minder stroom vraagt omdat de accuspanning door de ladingstoestand hoger wordt. Hierdoor neemt de stroom door de serieweerstand af en daarmee ook de spanningsval over de weerstand en kan de accu tot boven de ‘veilige’ spanning van 27,2V komen en ‘zachtjes’ tot 28,2V worden opgeladen. Dit gaat een aantal cycli in levensduur kosten, het is nog niet bekend hoeveel precies aangezien dit ook nog afhangt van de tijd die de cellen boven hun 3,4V blijven.
Bij gelijktijdig verbruik door aangesloten toestellen zal deze spanning niet waarschijnlijk worden gehaald. Een akoestisch overspanningsalarm is zinvol en deze zou bij 27,5V moeten afgaan en tot een actie moeten voeren om het laden van de LFP accu te stoppen.
Storingsoorzaak bij een doorgebrande alternator:
De alternator brandt door op basis van temperatuursverhoging boven de voor de alternator gestelde bovenwaarde. De alternator is meestal op de motor gemonteerd in de motorruimte. De temperatuur in de motorruimte is veelal hoger dan de temperatuur in de rest van de boot. De temperatuur van de alternator in gebruik kan worden verlaagd door de toevoer van koude lucht naar de ventilator vinnen van de alternator of andere wijzen van koeling. Hierdoor kan de alternator theoretisch langer zijn maximale stroom leveren zonder door te branden.
Bij het opnemen van een serieweerstand moet deze zijn warmte ook kwijt en het kan voordelig zijn deze niet in de motorruimte aan te brengen. De motor zuigt lucht aan voor de verbranding. Het aangezogen volume voor een viertakt verbrandingsmotor is gelijk aan het toerental maal de helft van de cilinderinhoud. Voorbeeld: 1600 cc motor op 3000 toeren zuigt 800 x 3000 = 2400000ml lucht per minuut aan. Dat is 2400 liter per minuut. Plaats de weerstand in de aanzuig weg (een 40 mm PVC buisje vanuit de motorruimte naar buiten) en er is voldoende koeling voor een dergelijke weerstand.
De installatie moet zo worden uitgelegd dat de energiebronnen bij overspanning kunnen worden uitgeschakeld. Over de accu is een alarm voor overspanning aangebracht. Bij elke energiebron moet een zekering worden aangebracht.
In auto’s worden de alternators niet gezekerd of niet afgeschakeld. Wordt een draaiende alternator afgeschakeld, dan zal dit een spanningspuls geven. Deze spanningspuls kan aanleiding zijn tot het doorslaan van de 3-fase gelijkrichter in de alternator. Een surge protector is een mogelijkheid om dit te voorkomen, maar deze zal een groot vermogen moeten dissiperen.
In de gebruiksaanwijzing van de beschouwde Sterling regelaar is geen verwijzing gevonden naar een maatregel om een spanningspiek bij onderbreking van de afgenomen stroom te onderdrukken. Het afschakelen van de alternator met een Sterling regelaar kan het vernielen van de gelijkrichters tot gevolg hebben. Bij een alternator met een daarbij behorende ‘gewone’ regelaar zal door het in bedrijf afschakelen van de stroom, met zekerheid de gelijkrichters vernielen.
Alternatief voor het laden van een 24V boordnet uit een 12V generator
Met een dc-dc converter is het mogelijk vanuit de 12V alternator een 24V LFP accu te laden. Dc-dc converters hebben allemaal een Under Voltage Lock Out. Die is helaas niet bij alle dc-dc converters instelbaar en dat is een vereiste voor deze toepassing. De UVLO vormt een spanningsdrempel waarboven de converter zijn werk mag doen. De UVLO voorkomt dat de dc-dc converter de voedingsaccu te diep ontlaadt.
Door de UVLO van een 12 naar 24V converter in te stellen op 13V, zal de 12V alternator op de motor eerst de 12v startaccu opladen en pas daarna in staat zijn de 24V accu van het boordnet op te laden. Zou de converter daarbij zoveel stroom van de 12V alternator afnemen dat deze dit niet meer aan kan, dan daalt de spanning onder de 13V en zal de UVLO de converter (en de stroomopname door die converter) stoppen totdat de 13V weer is bereikt. Dan zal de converter weer meer stroom afnemen, daalt de spanning weer etc. Er zijn dc-dc converters die dit ingebouwd hebben en dat wordt meestal aangeduid met burst mode.
Deze dc-dc converters hebben vaak ook een ‘soft start’ zodat als de UVLO is bereikt, niet meteen het volle vermogen aan de 12V alternator wordt onttrokken.
Het totale laadvermogen zal op deze manier over een langere tijd worden uitgesmeerd en de 12V alternator zal niet in korte tijd worden overbelast en de startaccu werkt mee als buffer. De maximale laadspanning is op de converter in te stellen en kan daarmee nooit gevaarlijk hoog worden.
Door de aanwezigheid van de startaccu en de laadregelaar op de 12V alternator, hoeft deze bij volle 24V LFP accu’s nooit te worden afgeschakeld.
(Nou Saef, probeer dit maar eens binnen 2 minuten te lezen

)
Maandag ga ik 'elektroheftruck racen' om te zien hoelang de 800Ah accu's het praktisch volhouden.
Daarna meld ik me dan met de 'lastpost' in dit topic.
Groeten, Peper.