LittleWings schreef :
ik denk altijd dat een conische verbinding voldoet om een koppel over te brengen maar waarvoor is dan dat puntboutje?
Dat een conische passing voldoet om een koppel over te brengen vind ik in het geheel niet vanzelfsprekend. Waar is dat idee op gebaseerd?
Zo'n koppeling wordt conisch uitgevoerd omdat het de mogelijkheid biedt om een spelingsvrije passing te krijgen. Je draait de moer op het draadeind aan tot alle speling is opgeheven en dan nog wat. Dat daarbij een zeker klemkracht ontstaat is ook duidelijk. Wil je echter een groot koppel opnemen, dan moet de moer wel èrg stijf worden aangedraaid. Dat heeft dan weer consequenties voor het gemak waarmee de koppeling weer losgehaald kan worden, als dit op enig moment nodig is. Mijn idee zou dus zijn: niet te stijf aandraaien.
Ik denk dat het kratertje waarin je vanaf de zijkant een (stel)boutje (met inbus?) draait, in dat geval wel degelijk een rol speelt in het overbrengen van het op de roerkoning over te brengen koppel. Dat het daarbij ook zorgt voor steeds dezelfde stand van het blok waarop de helstok wordt gemonteert is ook een feit en mooi meegenomen.
Het blokje voor de helmstok op de Victoire 22 heeft ook een conische passing op de roerkoning, maar daarbij zit er dan nog wel een spie door blokje en roerkoning, om te voorkomen dat de roerkoning kan verdraaien t.o.v het blokje, c.q. de helmstok.
Deze oplossing met een bout in een krater is makkelijker te demonteren en ook iets 'zoekend'. Vastzetten van het geheel zou ik doen door er eerst voor te zorgen dat het boutje het kratertje min of meer heeft 'gevonden', dan het boutje niet meteen helemaal aandraaien, maar eerst de moer bovenop nog wat aanspannen. Eventueel alternerend: moer aan draaien, boutje aandraaien, enz. Zo draai je alle speling eruit en de zaak tegelijkertijd muurvast.
Zie ook het antwoord van Saeftinghe.