Ik laat de koelleiding van de uitlaat in een emmer uitkomen. Laat de motor de koelvloeistof uit diezelfde emmer lurken,..zo heb je een cirulerend systeem. Emmer vullen met koelvloeistof en de boel rondlaten gaan. zo kun je de motor dus ook op het droge laten draaien.
Tempertuur in de emmer in de gaten houden,..bij ca 50 graden (dan staat de thermostaat ook al geruime tijd op een kier) koelvloeistof in de emmer controleren op vorstbestendigheid. is dat okey, dan koelslang weer op de uitlaat en de emmer leeg laten pompen door de uitlaat. (uitlaatdemper ook gevuld..) Alles is nu gevuld met vorstbestendige koelmiddel.
Aftap kraantjes ed kun je nu achterwege laten, vaak kun je er slecht bij.
Mijn eigen motor heeft een iets luxer systeem,....aftap kraantjes zijn vervangen voor slangtules, uitlaatdemper idem. Aan deze slangtules zitten eigen slangen naar de kajuit onder de trap. Deze slangen hebben allemaal een eigen afsluiter.
vanaf de thermostaat heb ik een losse slang die een eigen aansluiting op de deksel van de wierpot heeft, buiten waterkraan open,..koelmiddel door de wierpot naar buiten laten lopen, tijdens het leeglopen wierpot de afsluiter dichtdraaien (bij een kogelkraan is de bol dus gevld met koelmiddel)..wierpot vullen met koelmiddel en rondlaten pompen nadat de motor via de slangen onder de trap in de kajuit is afgetapt. Motor gevuld, uitlaatdemper leeg...laat maar komen de vorst