het is wel degelijk verplicht vanuit het BPR Sea Force One
wetten.overheid.nl/BWBR0003628
zie Artikel 9.04. Kleine schepen
Artikel 9.04. Kleine schepen
1.Op de in bijlage 15, onder a, vermelde vaarwegen mag een klein schip slechts varen indien het is voorzien van een motor die voor onmiddellijk gebruik gereed is, en waarmee een snelheid van ten minste 6 kilometer per uur ten opzichte van het water kan worden gehandhaafd.
2.Op de in het eerste lid bedoelde vaarwegen, met uitzondering van de Geldersche IJssel, de Boven-Merwede, de Neder-Rijn en het Pannerdensch Kanaal, moet een klein schip zo veel mogelijk aan de stuurboordszijde van het vaarwater varen.
3.Op de in het eerste lid bedoelde vaarwegen is het niet toegestaan het vaarwater op te kruisen.
en de bijlage:
Bijlage 15. Kleine schepen
a. De vaarwegen, bedoeld in artikel 9.04, eerste lid, zijn:
1. de vaarweg ten westen van de Noordzeesluizen te IJmuiden, met inbegrip van de daaraan gelegen havens;
2. het Noordzeekanaal;
3. de Noord;
4. de Oude Maas;
5. de Dordtsche Kil;
6. het Kanaal door Zuid-Beveland;
7. het Brabantsche Vaarwater;
8. de Witte Tonnen Vlije;
9. de Schelde-Rijnverbinding;
10. het Kanaal van Sint Andries;
11. de Boven-Merwede;
12. de Beneden-Merwede;
13. de Gekanaliseerde Maas van Maastricht (kmr 12,000) tot Borgharen;
14. het Julianakanaal;
15. de Waal;
16. de Boven-Rijn;
17. het Pannerdensch Kanaal;
18. de Neder-Rijn tot kmr 886;
19. de Geldersche IJssel vanaf de IJsselkop tot aan de monding van het Twenthekanaal;
20. het Amsterdam-Rijnkanaal;
21. het Lekkanaal;
22. het betonde vaarwater van het Buiten-IJ;
23. het Afgesloten-IJ;
24. de Nieuwe Maas;
25. de Nieuwe Waterweg;
26. de Maasmond;
27. het Calandkanaal;
28. het Beerkanaal;
29. de Koningshaven;
30. het Zuiddiepje;
31. het betonde hoofdvaarwater van de Nieuwe Merwede;
32. het betonde hoofdvaarwater van het Hollandsch Diep;
33. de Veerhaven te Terneuzen.